Stuurfactoren voor weerbare laagveensystemen tegen uitheemse rivierkreeft
In dit onderzoek is gekeken welke mogelijkheden natuurbeheerders en waterbeheerders hebben om te werken aan een dergelijk robuust watersysteem. Er is gekeken naar vier potentiële stuurfactoren voor het vergroten van de weerbaarheid van watersystemen tegen uitheemse rivierkreeft onderzocht: (a) voedselbeschikbaarheid en nutriënten, (b) oeverstructuur, (c) predator-prooirelaties en (d) gevoeligheid van waterplanten tegen destructie. Doel van het onderzoek was om meer inzicht te krijgen in de abiotische en biotische factoren en processen die aquatische laagveensystemen minder gevoelig maken voor invasie door rivierkreeften en/of de maximale rivierkreeftenpopulatie in een systeem beperken. Het onderzoek geeft daarmee handvatten voor het herstellen van aquatische systemen.
Verlanding in laagveenpetgaten
Deze verlanding van petgaten is in veel laagveengebieden gestagneerd. Het doel van dit onderzoek was om mogelijke oorzaken te begrijpen en zo mogelijk maatregelen te bedenken om de verlanding wel weer op gang te brengen. In dit onderzoek is een aantal herstelmaatregelen ingezet om verlanding te stimuleren. Eén daarvan is de inzet van drijvende constructies.
Effecten maaibeheer op kleine zeggenmoerassen in beekdalen
In diverse beekdalen in Nederland worden deze veenvormende moerasvegetaties hersteld door vernatting. Als beheermaatregel worden deze vegetaties daarna vaak gemaaid. De centrale vraag in dit OBN onderzoeksrapport is of dat nodig is. Na verbetering van de hydrologische omstandigheden zouden de vegetaties zichzelf moeten kunnen handhaven. Daarnaast is het de vraag in hoeverre maaibeheer nadelig doorwerkt op het ontstaan van microtypografie (kleinschalig reliëf).
Hondsbossche Duinen: Kansen voor optimalisatie natuurontwikkeling middels beheer?
In de Hondsbossche zeewering is in 2015 d.m.v. een grote zandsuppletie een nieuw duingebied aangelegd. Waterschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) heeft OBN gevraagd hoe de natuurontwikkeling in dit gebied geoptimaliseerd kan worden en wat het advies is voor het beheer van het gebied, gezien de omringende duingebieden en de lokale situatie.
Kustbroedvogels in Nederland
Deze brochure biedt inzicht in het inrichten en beheren van broedhabitats voor kustbroedvogels in Nederland. Gericht op terreinbeheerders en beleidsmakers, behandelt het duurzame en effectieve maatregelen voor natuurherstel, met speciale aandacht voor factoren als habitatdynamiek, predatie en menselijke verstoring.
Natuur en stikstof: doen wat moet en kan
Het adviesrapport ‘Doen wat moet én kan’ van de Ecologische Autoriteit concludeert dat het slecht gaat met de stikstofgevoelige natuur in Nederland. De overheid moet en kan nu noodmaatregelen nemen om de eigen natuurdoelen nog te halen. In dit kennisuur worden de analyses uit het rapport besproken.
Eutrofiering bij natuurontwikkelingsprojecten
Eutrofiëring door erosie, uitspoeling en afspoeling in laagveengebieden kan de waterkwaliteit schaden, ondanks herstelmaatregelen. Onderzoek richt zich op het begrijpen van nutriëntenfluxen en het ontwikkelen van vuistregels en tools om eutrofiëring te minimaliseren.
Kustbroedvogelbiotopen
Dit rapport biedt een overzicht van effectieve en duurzame maatregelen voor het beheer en de inrichting van broedgebieden voor kustbroedvogels. Het richt zich op het behouden van natuurlijke dynamiek, optimalisatie van waterpeil, en aanvullende maatregelen zoals predatorenbestrijding.
Handleiding dynamisering zeereep (Nl & Eng)
Deze brochure biedt beheerders praktische richtlijnen voor dynamisch beheer van de zeereepduinen. Het ondersteunt duurzame kustveiligheid, biodiversiteitsherstel en klimaatbestendigheid, met aandacht voor doelstellingen, randvoorwaarden, uitvoering en monitoring van dynamisering langs de Nederlandse kust.
Interacties waddengebied
Dit rapport onderzoekt habitat-overstijgende interacties in het Waddengebied, met focus op de ecologische connectiviteit tussen wad en schoorwaleilanden. Het benadrukt de noodzaak van gecoördineerd beheer voor ecosysteembehoud. Experimenten tonen aan dat mossel- en zeegrasvestiging gunstig zijn voor eilandstabiliteit, maar vereisen verbeterde structuren en begrip van lokale dynamiek.
Verkenning van duurzame beheerstrategieën voor de natte duinvalleien op Terschelling
Watercrassula, een invasieve plant uit Australië, verspreidt zich snel in Nederland sinds 1995, vooral in kwetsbare natuurgebieden. Op Terschelling begon bestrijding in 2016. Staatsbosbeheer evalueerde in 2020 met een workshop, gericht op een integrale aanpak.
Ruimte voor zand
Onderzoek toont aan dat voor een functionerend kustlandschap een minimale ruimte van van minstens 1500-2200 meter duinzones nodig is voor biodiversiteit. Ontdek welke delen van de Nederlandse kust breed genoeg zijn en hoe beheer en suppletiemethoden kunnen bijdragen aan natuurherstel.
Effecten van ruige stalmest op de botanische kwaliteit van Vochtig hooiland (N10.02)
Ruige stalmest wordt gebruikt in vochtige hooilanden om bodemvruchtbaarheid te verbeteren en weidevogels te ondersteunen. De effecten op botanische kwaliteit zijn onduidelijk, aangezien andere factoren ook een rol spelen. Een verkenning in de Zomerpolder onderzocht de impact op Dotterbloemhooilanden.
Variatie op de kwelder door beweiding
Kwelders in de Waddenzee worden traditioneel als weidegrond gebruikt. Zonder beweiding domineert Zeekweek, wat biodiversiteit vermindert. Onderzoek toont aan dat een mozaïek van intensieve beweiding, extensieve beweiding en niet-beweiden optimale biodiversiteit bevordert. Variabele beweiding, wisselend intensief en extensief, is aanbevolen.
Natuurherstel door dynamisering op de Boschplaat
In november 2017 vroeg Staatsbosbeheer advies aan voor het herstellen van dynamiek op de Boschplaat, Terschelling. Vragen gingen over verwachte vegetatieontwikkelingen, mogelijke maatregelen, effecten op de vegetatie en voorwaarden voor beheer, gebaseerd op eerdere OBN-studies en concepten.
Herstel grijze duinen door reactiveren kleinschalige dynamiek
In duingebieden moet kleinschalige verstuiving zorgvuldig worden gepland op lange termijn. Strategieën variëren van vegetatiebeheer tot het activeren van stuifkuilen, afhankelijk van kalkgehalte en ecologische noodzaak, met aandacht voor praktische uitvoering en ruimtelijke spreiding.
Monitoring effecten duinbegrazing Vallei van het Veen – Vlieland
Sinds 1993 worden op Vlieland vaste proefvlakken gemonitord om de effecten van begrazing door runderen en schapen te onderzoeken. Van de oorspronkelijke 32 proefvlakken zijn er 24 over; meerdere exclosures vereisen herstel. De proefopzet is verzwakt, vooral voor onbegraasde vegetatietypes.
Beheeradvies activering eolische dynamiek op de Waddeneilanden als PAS-maatregel voor habitattype H2130 Grijze duinen
Habitat H2130 Grijze duinen in Nederlandse kustgebieden, vooral op kalkarme Waddeneilanden, lijdt onder stikstofvervuiling. Herstelmaatregelen, zoals verstuiving om duinverjonging te bevorderen, worden onderzocht en toegepast via het PAS-programma. Nieuwe inzichten richten zich op duurzame natuurbeheeraanpak.
Effecten van meteorologische condities, het kerven en kaalscheren van de zeereepzone op de samenstelling van regenwater, bodemvocht en grondwater in de Kennemerduinen
Kerven van de zeereep en kaalscheren zijn hydrogeochemisch gunstig voor het behoud van grondwaterkwaliteit, verhogen van de grondwaterstand, vertragen ontkalking en ondersteunen duurzame duindynamiek en het behoud van Grijze duinen.
Peilfluctuaties in het laagveenlandschap: relaties tussen hydrologie, ecosysteemdynamiek en Natura 2000-habitattypen – Rapportage 2
Dit onderzoek verkent voor- en nadelen van natuurlijk peilbeheer in laagveen en toont dat verhoogde waterstanden onder voorwaarden gunstig zijn. Waterkwaliteit, bodemsamenstelling, geohydrologische positie en timing zijn cruciaal voor effectief beheer.
Ontwikkeling van eilandstaarten

Dit rapport beschrijft de ontwikkeling van eilandstaarten op de Waddeneilanden, hun afgenomen dynamiek en biodiversiteit, en verkent hoe inzicht in geomorfologie, waterhuishouding en vegetatie beheerders helpt om met gericht ingrijpen verjonging te stimuleren.
Advies Begrazingsplan Nationaal Park Schiermonnikoog

Het Beheer- en Inrichtingplan ‘plus’ 2011-2022 voor Schiermonnikoog wijst op verruiging in duingebieden. Begrazing met runderen, wisenten en paarden wordt voorgesteld. Het OBN Deskundigenteam beoordeelt de ecologische haalbaarheid en mogelijke beheermaatregelen om natuurdoelen te behalen.
Advies ‘Herstel Koningsdiep’
Staatsbosbeheer Fryslân vroeg advies over maatregelen en effectiviteit in het Natura 2000-gebied Van Oordt’s Mersken. Het gebied kampt met verdrogingsproblemen door grondwaterwinning en zandwinning, waarvoor een pakket maatregelen is opgesteld om deze aan te pakken.
Ontwikkeling van zoet-zout gradiënten met en zonder dynamisch kustbeheer
Het onderzoek toont dat dynamisch kustbeheer plaggen deels kan vervangen. Nieuwe duinvalleien en zoet-zoutgradiënten bevorderen groenknolorchis en fauna, remmen organische-opbouw en vertragen successie, mits zoet grondwater wordt aangevoerd.