Home > Habitattypen > H2140 – Duinheiden met kraaihei

H2140 – Duinheiden met kraaihei

Beheertypen van het H2140 – Duinheiden met kraaihei zijn:

N01.02 Duin- en kwelder

N01.03 Rivier- en moeras

N01.04 Zand- en kalklandschap

N08.04 Duinheide

Algemeen

Het habitattype betreft open kustduinen met een vegetatie die wordt gedomineerd door dwergstruiken, waaronder kraaihei (Empetrum nigrum). In natte duinheide in duinvalleien kunnen gewone dophei (Erica tetralix) of cranberry (Orycoccus macrocarpos) dominant zijn. In droge duinheiden kunnen eikvaren (Polypodium), kruipwilg (Salix repens) of, pleksgewijs, struikhei (Calluna vulgaris) domineren. Ook als kraaihei slechts met lage bedekking aanwezig is, worden vegetaties met dwergstruiken dus tot dit habitattype gerekend. Meestal gedraagt Kraaihei zich echter als een zeer concurrentiekrachtige soort die andere dwergstruiken kan verdringen. Dat gebeurt in de regel niet door kieming maar door een vegetatieve uitbreiding (‘groeifront’).

Kraaihei is een soort van relatief koude streken; in Nelderland groeit hij dan ook alleen in de noordelijke helft van het land, onder relatief koele en vochtige omstandigheden. Het habitattype komt zodoende overal voor op de noordhellingen (hoge luchtvochtigheid) en in duinvalleien. Het betreft in alle gevallen ontkalkte duinen met een relatief dikke humuslaag op de bodem. Met name in valleien kan het habitattype lang standhouden.
Op basis van de standplaatsverschillen wordt het habitattype verdeeld in twee subtypen.

 

Relatief belang binnen Europa

Het relatief belang binnen Europa is groot (beide subtypen). De kraaiheibegroeiingen bevinden zich in ons land aan de zuidgrens van verspreidingsgebied. Ze onderscheiden zich niet door omvang of soortensamenstelling en zijn daarom niet van bovengemiddelde betekenis (wel is de berendruif geheel van dit habitattype afhankelijk)

Subtypen

H2140_A Duinheiden met kraaihei (vochtig)

Begroeiingen met kraaihei in vochtige duinvalleien.

 

H2140_B Duinheiden met kraaihei (droog)

Begroeiingen met kraaihei op duinhellingen en in droge duinvalleien. In de valleien vormen deze begroeiingen een  (al dan niet natuurlijk) verdrogingsstadium van wat eerst behoorde tot habitattype Vochtige duinvalleien (H2190)

 

Bron: natura2000.nl

Gerelateerde OBN onderzoeken

Kalkarme Grijze duinen of Duinheide – de rol van wortelbiomassa

- aug 2026

Megasuppleties en zeewaartse duinontwikkeling

- dec 2025

Ruimte voor zand

- mrt 2025

Langetermijneffecten van extensieve duinbegrazing in kalkarme kustduinen

- jan 2020

Gerelateerde overige publicaties

Helaas, geen gerelateerde publicaties gevonden.

Gerelateerde activiteiten

Komende activiteiten

17 sep 2026Werkschuurbijeenkomst

Heidevergrassing door pijpenstrootje

24 sep 2026Webinar

OBN Kennisuur: Kijken door de ogen van het dier – beter beheer voor fauna

06 okt 2026Veldwerkplaats

Duurzame basenrijkdom natte schraallanden

Afgeronde activiteiten

20 mrt 2025Veldwerkplaats

Bodembiologie

30 sep 2024Veldwerkplaats

Exoten in het duingebied

24 mei 2023Veldwerkplaats

Werkprotocol konijnen uitzetten voor populatieherstel