OBN 2012-164-RI
Het rapport “De ecologie van stroomdalgrasland; in het bijzonder de invloed van zandafzetting” beschrijft de sterke achteruitgang van droog stroomdalgrasland in het rivierengebied: sinds 1960 is dit type uit circa 83–84% van de kilometerhokken verdwenen. Voor effectief behoud is inzicht nodig in standplaatsfactoren en de rol van geomorfologische processen, met name zandafzetting.
Zandafzetting beïnvloedt de vegetatie zowel fysisch (bedekking/smoring) als chemisch (tegengaan van verzuring). Bij onvoldoende begrazing treedt verruiging op, met dominantie van soorten als Duinriet, die dichte, hoge vegetaties vormen waarin laagblijvende stroomdalsoorten weinig kans hebben. Experimenten tonen aan dat 20 cm zand onvoldoende is om Duinriet terug te zetten; circa 50 cm is nodig om hergroei effectief te verhinderen. Dergelijke hoeveelheden worden op hoger gelegen rivierduinen zelden afgezet. Daarom blijft voldoende intensieve begrazing (of maaibeheer) essentieel, ook bij verhoogde rivierdynamiek.
Vegetatiekundig zijn 21 plantengemeenschappen onderscheiden, variërend van het Festuco-Thymetum (Schapengras-Tijm) op arme, zure, grofzandige bodems tot voedselrijkere glanshaver- en kamgrasweiden op voormalige landbouwgronden. De belangrijkste verschillen in soortensamenstelling hangen samen met calcium, pH, CaCO₃, organische stof, stikstof, fosfor en zandfractie. Secundaire pioniervegetaties (zoals Bromo-Eryngietum) komen voor in hoogdynamische milieus met veel zandafzetting, maar slechts enkele soorten – waaronder Sikkelklaver en Echte kruisdistel – profiteren duidelijk van sterke overzanding.
De meeste kenmerkende stroomdalsoorten hebben hun optimum in warme, droge, zonnige en laagdynamische omstandigheden met korte vegetatie. Open, recent verstoorde plekken (bijvoorbeeld door afgraven of erosie) zijn belangrijk voor vestiging, maar moeten daarna door gerichte begrazing of maaien open worden gehouden. Conclusie: hoewel herstelde rivierdynamiek lokaal positief werkt, is zandafzetting alleen onvoldoende voor herstel. Structureel beheer gericht op korte, open vegetaties is cruciaal voor behoud en uitbreiding van droog stroomdalgrasland.