OBN142-DK
Suppleties zijn een essentiële maatregel in het Nederlandse kustbeheer om structurele erosie van de kustlijn tegen te gaan door zand toe te voegen aan strand of vooroever. Over hun effectiviteit voor kustveiligheid is veel bekend, maar over de bij-effecten op duinontwikkeling en geomorfologie bestond tot voor kort minder inzicht. Omdat suppleties inmiddels op grote schaal worden toegepast, is duidelijk geworden dat toegevoegd zand ook in de duinen terechtkomt en daarmee de geomorfologische en ecologische ontwikkeling beïnvloedt. Dit kan gevolgen hebben voor Natura 2000-habitats en bijbehorende instandhoudingsdoelen.
In dit onderzoek, uitgevoerd in opdracht van Rijkswaterstaat en het ministerie van LNV, is de samenhang tussen suppleties, kustontwikkeling en duinvorming onderzocht. De resultaten tonen aan dat sinds de start van grootschalig suppleren de aanzanding van de zeereep sterk is toegenomen. Waar eerdere studies een tijdelijke toename van zandaanvoer naar de duinen lieten zien, wijst dit onderzoek op een structureel hoger aanzandingsniveau. Voor de Hollandse kust bedraagt de gemiddelde aanzanding in de periode 1997–2008 circa 10,6 m³ per meter per jaar, aanzienlijk hoger dan in eerdere decennia.
De effecten van suppleties verschillen per locatie. Op sommige plaatsen leidt de zandtoevoer ertoe dat de zeereep ‘op slot’ raakt en dynamiek afneemt, terwijl elders juist onder invloed van suppleren een meer dynamische duinontwikkeling ontstaat. De ecologische gevolgen hiervan, bijvoorbeeld voor vegetatieontwikkeling, vragen om vervolgonderzoek. Belangrijke open vragen zijn hoe ver de invloed van overstuivend zand landinwaarts reikt en hoeveel kalkhoudend zand nodig is om verzuring tegen te gaan.
Het rapport pleit voor een herwaardering van dynamisch kustbeheer. Zand dat boven +3 m NAP in de duinen terechtkomt, draagt bij aan kustveiligheid en zou bij de beoordeling van de Basis Kustlijn moeten worden meegewogen. Dynamische duinvorming kan ervoor zorgen dat duinen meegroeien met een stijgende zeespiegel, waardoor kustveiligheid en natuurontwikkeling elkaar kunnen versterken.