2013/OBN181-DZ
Paddenstoelen spelen een sleutelrol in ecosystemen en vertegenwoordigen een groot deel van de biodiversiteit in Nederland (ruim 5000 soorten), maar krijgen weinig aandacht in het natuurbeheer. Van de onderzochte paddenstoelsoorten staat 62% op de Rode Lijst, terwijl er nauwelijks beheer gericht op herstel bestaat. Deze publicatie beoogt kennisontsluiting voor beheerders.
Het rapport onderscheidt drie hoofdgroepen op basis van energievoorziening: mycorrhizavormers (samenleving met plantenwortels, cruciaal op nutriëntenarme bodems), strooiselafbrekers (afbraak dood plantaardig materiaal) en houtafbrekers (witrot en bruinrot). Elk stelt specifieke eisen aan hun milieu en profiteert niet automatisch van plantgericht beheer.
De belangrijkste knelpunten zijn hoge stikstofdepositie (belangrijkste oorzaak van afname), vermesting, verzuring en verdroging. Veel kritische soortgroepen zoals Stekelzwammen, Gordijnzwammen en Ridderzwammen verdwijnen door verhoogde stikstofbeschikbaarheid. Opvallend is dat veel mycologische hotspots buiten Natura 2000-gebieden liggen: park- en stinzenbossen, oude lanen, schrale bermen en permanente graslanden. Het rapport presenteert per habitattype kwaliteitsindicatoren en beheeradviezen. Voor mycorrhizapaddenstoelen is continue aanwezigheid van volwassen bomen cruciaal; voor houtafbrekers variatie aan dood hout nodig (> 20 m³/ha dikke stammen). Herstel na vermesting blijkt langzaam en vaak onvolledig.
Deze publicatie bestaat uit twee delen:
• Deel 1 (dit deel) bevat algemene informatie over paddenstoelen, hun ecologische rol, algemene knelpunten en kennislacunes;
• Deel 2 bevat een overzicht van de mycoflora per natuurtype met kwaliteitsindicatoren per biotoop.