Het onderzoeksrapport richt zich op het herstel van kruiden- en faunarijke graslanden in het droge zandlandschap, specifiek binnen het Natuur Netwerk Nederland (NNN). De graslanden verkeren vaak in een grassenfase, gedomineerd door soorten zoals gestreepte witbol en struisgras, ondanks jarenlang ontwikkelingsbeheer. Het beheer van maaien en afvoeren blijkt niet effectief in het doorbreken van deze dominantie, wat leidt tot een lage biodiversiteit. In dit onderzoek is gekeken naar de effectiviteit van tijdelijk akkerbeheer, in combinatie met het inbrengen van kruidenzaad, om de graslanden om te vormen naar kruiden- en faunarijke graslanden. Experimenten in drie verschillende graslanden tonen aan dat de effecten variëren, afhankelijk van de productiviteit van de graslanden. Op een van de drie locaties is er een duidelijke toename van kruiden, terwijl in de andere twee gebieden de grasdominantie weer sterk terugkeert. Het rapport benadrukt de rol van dynamiek en biomassaproductie als bepalende factoren voor succes op lange termijn.